SEPTEMBER

©Chronosenik

Ik zit op een bank in het park wat te rusten.

Mijn ogen dicht.

Pok..Pok..

Plof,Pok,Pok….Plof…Plof..Plof…

PokPokPok….Plof….

Een klein bijzonder concert dat me wel amuseert.

Eikels en kastanjes die vallen.

Die laatste liggen vet en vers te glanzen op de grond.

Zaad voor nieuw leven.

Het is 14 september en 30 graden.

Hoe rijm ik dit vraagt mijn geest zich af?

Deze combinatie van natuurfenomenen heb ik nog nooit in mijn leven mee gemaakt.

Vallende herfstvruchten in 30 graden of meer.

Rond deze tijd ga ik meestal kastanjes rapen om ze op te eten, of andere om in een schaal te schikken met nog wat herfstraapsels uit de natuur. Elk jaar maak ik een herfstschaal, tot de winter komt, dan wordt het een winterschaal. En dan komt de lente met haar bloemen.

Vallen ze ook niet extra vroeg dit jaar vraag ik me af?

Sloom zit ik op de bank, en voel geen enkele neiging om kastanjes te rapen.

Het past niet bij het weer.

Wat een raar jaar is dit toch mijmer ik verder.

Op het andere grasveld zijn ze de tent aan het opzetten voor een van de fijnste festivals die er zijn.

Jazz Middelheim.

Ook al niet op zijn plaats.

Het is altijd in augustus, nu door de coronatoestanden kan het eindelijk toch nog, een maand later. In aangepaste versie, coronaproof, je ziet het aan de hele opstelling, en alleen met Belgische muzikanten, de oorspronkelijke line-up kan niet meer.

Het blijft de hele week mooi weer, het wordt vast best gezellig, als je er in een bubbel heen kan.
Want daar wordt altijd op gerekend. Zonder bubbel de dag van vandaag kan je ‘t wel schudden. De constructie van onze samenleving weerspiegelt zich in de bubbels, de realiteit ervan niet zozeer.

Ik wil er niet verder over mijmeren, want het is triest.

Waarom kan alles niet heel even weer normaal, als vroeger zijn, gewoon, weg al die corona- en klimaatstress.

Waarom ja, waarom…

Ook daar mijmer ik niet verder over, want het kan niet, het is zoals het is, en no can do.

“Life is what happens while you were making other plans” zei John Lennon zeker.

Zo liep het helaas ook in mijn leven, helaas, en 2020 wijst de hele wereld daar zeker ook nog eens op.

Ik voel dat ik verzink in een weemoedige bui…een 2020 bui. Wat een raar jaar. Het begon beloftevol en alles crashte. Mijn tijd aan zee hangt nog in mijn hoofd, een welkome verademing. Nog drie maanden te gaan. Wie weet wat er nog gebeurt.

Ik sta op en keer terug.

Terwijl ik voorbij de kabelslepende gasten loop, die het festival verder opzetten, zie ik de grote tent weer. Ik denk aan Van Morrison die ik hier een paar jaar geleden zag, Chatal Acda, Jef Neve en Ahmad Jamal. Toen goed ingeduffeld in sjaal en winterjas, in augustus. Wat een verschil met nu.

Hoewel ik er, zoals steeds, achteraf twee weken doodziek  van out lag, heb ik die muzikanten toch kunnen zien. Ze waren puur genieten. Ik hou die gedachte vast terwijl ik naar huis fiets, om me op te beuren. 

Een echte festivalganger ben ik nooit geweest, de grote drukte lag me niet zo.

Maar Jazz Middelheim, ja, dat is fijn. Indian Summerversie.
Ik verheug me er op, de mensen zullen er van genieten, ook al ben ik er niet bij.

JOMO zegt Michael Leunig. Ik heb een hand gesigneerd exemplaar van dat werk van hem. Helemaal uit Australië. Het was wékenlang onderweg tijdens de lockdown, toen ik het eindelijk bestelde. Het is een oefening die ik zowat constant moet maken. Ter ere daarvan.

 

JOMO (Joy of Missing Out.)

Oh the joy of missing out

When the world begins to shout

And rush towards that shining thing;

The latest bit of mental bling-

Trying to have it, see it, do it,

You simply know you won’t go through it;

The anxious clamouring and need

This restless hungry thing to feed.

 

Instead, you feel the loveliness;

The pleasure of your emptiness.

You spurn the treasure on the shelf

In favor of your peaceful self;

Without regret, without a doubt.

Oh the joy of missing out.

(Michael Leunig)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll to top